

Door: Stefan van Oorschot
Mensen die de Muppet Show kennen weten wie ik met ‘Statler en Waldorf’ bedoel: twee oude heren die vanaf een loge commentaar leveren op de voorstellingen van hun mede-muppets.
Ik ben nog maar net begonnen als fietskoerier, en het is de eerste keer dat ik bij dit appartementencomplex aankom. Ik parkeer mijn fiets binnen in de ruime entree en zet m’n tas op de grond om te kijken hoeveel pakketjes ik hier af moet leveren. Binnen enkele seconden zwaait de binnendeur naar de appartementen open: het is zo’n automatische deur en één van de twee vinnige dames die in de gang achter de deur blijken te zitten heeft op de open-de-deur-knop gedrukt. De dames laten in niet mis te verstane woorden weten dat het niet de bedoeling is om een fiets in de entree te zetten. Ik kijk naar de dames die me kritisch aanschouwen. Hebben ze in de gaten dat ik een ‘nieuwe’ ben die nog moet worden opgevoed? Ik bezweer de dames dat ik m’n fiets maar héél even laat staan en wijs naar de overmaat van ruimte in de entree met de woorden ‘hij staat niemand in de weg’. Zonder een reactie af te wachten ren ik naar boven om de pakketjes af te leveren: er zitten een paar ‘aanbellers’ bij en het duurt daarom wel wat langer dan voorzien voor ik weer beneden ben. Daar vind ik mijn fiets waar iemand een briefje aangeplakt heeft. In oude-mensen-handschrift lees ik: “hier geen FIETSEN plaatsen”.
De week erop zet ik m’n fiets natuurlijk gewoon buiten, en loop de entree in. Als onervaren koerier ben ik vergeten hoeveel pakketjes ik hier af moet leveren dus zet ik m’n tas op de grond om te kijken waar ik moet beginnen. Ik heb m’n tas nog niet open of de binnendeur zwaait open. Ik kijk naar de dames die op precies dezelfde plek zitten als vorige week, en dan bedenk ik me voor de eerste keer dat deze dames niets minder zijn dan de Statler en Waldorf van dit appartementencomplex! (maar dan de vrouwelijke variant).
Er volgt weer de nodige kritiek, maar ik kom er ook achter dat deze dames goed op de hoogte zijn van wat zich er in deze kleine en min-of-meer besloten community afspeelt. Dat Bert deze ochtend door een ambulance is opgehaald, en dat Jeanne op nummer 21 niet thuis is (pakketje bij de overbuurvrouw afleveren, ze weet ervan!). Grappig dat deze dames zichzelf een soort conciërgefunctie hebben gegeven, zoals vroeger gebruikelijk bij chique appartementenblokken in Parijs. Twee heuse conciërges, gewoon in een middelgrote stad in Nederland, en ik moet zeggen: het is erg leuk en werkt als een trein! Zo gaat het een aantal weken door, en we leren elkaar steeds beter kennen.
Maar deze week kom ik binnen en zie niemand zitten! Geen twee kwieke dames te bekennen. Ik ben teleurgesteld en een tikkie bezorgd. Zou er iets aan de hand zijn? Liggen de dames ziek op bed of zijn ze deze week ook met een ambulance opgehaald? Ik doe mijn ronde, bezorg mijn pakketjes en weer beneden aangekomen loop ik voorbij de twee heel erg lege stoelen. Een beetje weemoedig stap ik op m’n fiets voor het bezorgen van de laatste paar pakketjes.
Ach wat hoop ik dat mijn Statler en Waldorf dames er volgende week weer gewoon zijn en ze vanuit hun loge achter de binnendeur weer hun heerlijke commentaar kunnen leveren!